
Wanneer kom je bij jeugdzorg terecht?
Wat is jeugdzorg?
Bijna 1 op de 10 kinderen krijgt een vorm van jeugdzorg. Het doel daarvan is om kinderen veilig en gezond te laten opgroeien. Soms lukt dat namelijk niet goed. Bijvoorbeeld omdat een kind erg somber is, een beperking heeft of omdat ouders vastlopen in de opvoeding. In zulke situaties kan je hulp krijgen via jeugdzorg. Jeugdzorg richt zich op kinderen en jongeren tot 18 jaar. Soms loopt het door tot 23 jaar, afhankelijk van de soort ondersteuning. Er zijn veel soorten hulp: kort of lang, licht of zwaar, thuis of ergens anders, alleen of met het hele gezin.
Verschillende voorbeelden van jeugdzorg:
Sinds 2015 regelen gemeentes de jeugdzorg. Daarvoor werken ze samen met verschillende jeugdzorgorganisaties. De jeugdzorg in Nederland staat al jaren onder druk. Zo komen steeds meer kinderen bij jeugdzorg terecht en kost het de gemeenten bakken met geld. Door de problemen is de hulp lang niet altijd passend of komt het te laat. Hoewel er plannen zijn voor hervormingen, lukt het tot nu toe niet om de problemen echt op te lossen.
Problemen in de jeugdzorg:
Er zijn drie soorten jeugdzorg: jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering. We bespreken ze hieronder.
Wat is jeugdhulp?
In bijna 98% van jeugdzorg gaat het om jeugdhulp. Dat komt onder andere omdat jeugdhulp heel breed is. Zo valt alle opvoedhulp er onder. Ouders leren dan bijvoorbeeld om grenzen te stellen, meer ritme aan te brengen in het leven van hun kind of om te gaan met woedeaanvallen. Ook psychische hulp voor kinderen (jeugd-ggz) is een vorm van jeugdhulp. Bijvoorbeeld bij faalangst of een depressie.
Verder kan jeugdhulp ook gaan om ondersteuning van kinderen met een (jeugd-lvb). Ouders leren daarbij bijvoorbeeld hoe ze hun kind beter kunnen begeleiden. En kinderen kunnen hulp krijgen bij het ontwikkelen van vaardigheden, zoals plannen, rekening houden met anderen of omgaan met emoties.
Meestal kan een kind gewoon thuis blijven wonen. Dan is de hulp op afspraak, bijvoorbeeld thuis of bij een psycholoog. Maar soms moet een kind (tijdelijk) op een andere plek wonen of overnachten. Bijvoorbeeld in een , , , , of instelling. Vaak zijn er dan ernstige problemen, waardoor het niet meer veilig is om thuis te blijven wonen. Denk bijvoorbeeld aan , een verslaving, agressief gedrag, mishandeling, verwaarlozing of een combinatie van problemen.
Twee voorbeelden van jeugdzorg met verblijf:
Wat is jeugdbescherming?
Jeugdbescherming kan nodig zijn als het thuis niet meer veilig is. Alleen een kinderrechter kan maatregelen opleggen die onder jeugdbescherming vallen, na onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming. Deze maatregelen heten daarom kinderbeschermingsmaatregelen en worden uitgevoerd door .
De maatregel die het vaakst voorkomt bij jeugdbescherming is ondertoezichtstelling. Je krijgt dan een jeugdbeschermer aangewezen. Deze persoon kijkt wat er nodig is om de situatie te verbeteren. Ouders en kinderen zijn verplicht om aan de plannen mee te werken. Als ouder heb je nog steeds over je kind, maar minder dan normaal omdat je je aan de plannen van de jeugdbeschermer moet houden.
Soms is er ook een uithuisplaatsing nodig. Het kind kan dan niet meer veilig thuis blijven wonen, dus geeft de rechter toestemming om het kind uit huis te plaatsen. Een kind kan dan bijvoorbeeld terechtkomen in een pleeggezin, gezinshuis of .
In Heppie (t)Huis wonen 8 uithuisgeplaatste kinderen samen. "Je kan je vrienden gewoon zien, je kan een sport doen en het is gewoon meer als thuis." Bekijk het hele item op de site van EenVandaag (AVROTROS).
© EenVandaag (AVROTROS)Een zwaardere maatregel dan ondertoezichtstelling is een gezagbeëindigende maatregel. Net als bij een uithuisplaatsing gaat je kind ergens anders wonen. Maar daarnaast heb je ook meer over je kind. Wel heb je meestal nog recht op informatie en contact. Een gezagbeëindigende maatregel kan bijvoorbeeld voorkomen als de ouder psychisch erg ziek is, geen hulp accepteert of het kind heeft mishandeld.
Wat is jeugdreclassering?
Jeugdreclassering is voor kinderen van 12 jaar en ouder die met de politie of rechtspraak te maken krijgen. Bijvoorbeeld omdat ze heel veel spijbelen van school of omdat ze iets hebben gestolen.
Het kind krijgt toezicht en begeleiding vanuit jeugdreclassering. Dat kan bijvoorbeeld bestaan uit een GGZ-behandeling, een training of gesprekken met een coach. Het doel hiervan is om te voorkomen dat het kind opnieuw de fout in gaat. Een rechter of kan deze hulp verplicht opleggen.
Jeugdreclassering:
Wie beslist of een kind jeugdzorg krijgt?
Er zijn verschillende manieren waarop je bij jeugdzorg terecht kan komen.
Je zoekt zelf hulp
Vaak begint het bij ouders of jongeren zelf. Bijvoorbeeld als een kind een licht verstandelijke beperking heeft, vaak boos of somber is of als ouders niet goed weten hoe ze met bepaald gedrag om moeten gaan.
Je kan dan zelf aankloppen voor hulp, bijvoorbeeld via de gemeente of huisarts. Dit zijn de meest voorkomende routes. Gemeentes hebben vaak lokale teams voor vragen of advies. Zoals een Ouder- en Kindcentrum of een Centrum voor Jeugd en Gezin. Zij kunnen je helpen of verder doorverwijzen naar andere jeugdzorgorganisaties.
Iemand anders trekt aan de bel
Soms maakt iemand anders buiten het gezin zich zorgen over een kind. Bijvoorbeeld een leraar, een arts of iemand uit de buurt. Als iemand bijvoorbeeld denkt dat er sprake is van huiselijk geweld, kan die persoon een melding doen. Bijvoorbeeld bij de organisatie Veilig Thuis. Daarna volgt meestal eerst een gesprek met het gezin en kijken hulpverleners welke hulp nodig is om de kinderen te helpen.
Maak jij je zorgen om iemand? Chat gratis en anoniem met een medewerker van Veilig Thuis voor advies. Of bel gratis met 0800-2000. Bij direct gevaar kan je 112 bellen.
Als er ernstige zorgen zijn over de veiligheid of ontwikkeling van een kind, kan de Raad voor de Kinderbescherming worden ingeschakeld. Dit kan je niet zelf doen, maar gaat bijvoorbeeld via lokale teams van de gemeente of Veilig Thuis.
De Raad voor de Kinderbescherming onderzoekt de situatie. En de Raad kan de kinderrechter vragen om kinderbeschermingsmaatregelen op te leggen. De rechter beslist uiteindelijk of er verplichte maatregelen komen.
Doke heeft erg slechte ervaringen met gesloten instellingen. Samen met haar moeder slaat ze daarom op de vlucht en besluiten ze de uithuisplaatsing aan te vechten bij de rechter. Alle uitzendingen van Jojanneke en de Jeugdzorgtapes (EO) zijn te bekijken op NPO Start.
Hoelang duurt jeugdzorg?
Dat verschilt sterk per situatie. De meeste vormen van jeugdhulp duren een paar maanden tot een jaar. Maar sommige trajecten, zoals pleegzorg, lopen vaak meerdere jaren. Ook jeugdbescherming duurt meestal wat langer. Ondertoezichtstellingen lopen gemiddeld 1 tot 3 jaar en voogdijmaatregelen vaak minstens 3 jaar. Jeugdreclassering zit daar vaak tussenin. Meestal gaat het om een periode van een halfjaar tot 2 jaar, al kan het ook korter zijn.
Bijna 1 op de 10 kinderen krijgt een vorm van jeugdzorg. Het doel daarvan is om kinderen veilig en gezond te laten opgroeien.
Er zijn verschillende manieren waarop je bij jeugdzorg terecht kan komen. Vaak begint het met vragen of zorgen van ouders of jongeren zelf. Maar je kan ook met jeugdzorg te maken krijgen als iemand buiten het gezin zich zorgen maakt.
Er zijn drie soorten jeugdzorg: jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering.






