carnaval vieren
Hoe ontstond carnaval in het zuiden van het land?

Carnaval is al eeuwenlang een volksfeest dat in Nederland vooral onder de grote rivieren wordt gevierd. De kerk was niet altijd blij met de traditie, daarom is het lange tijd ook in het geheim gevierd. Sinds wanneer is er carnaval zoals we het nu kennen?

1

Wat is de oorsprong van carnaval?

Carnaval is een katholiek feest dat van oorsprong wordt gevierd in de periode voorafgaand aan de vastentijd ter voorbereiding op Pasen. Over de oorsprong van de viering van het feest doen verschillende verhalen de ronde. Zo kan het feest zijn afgeleid van vergelijkbare heidense festijnen vóór de verspreiding van het christendom en kreeg het uiteindelijk een plek in de christelijke traditie. De eerste vieringen van vastenavond dateren uit de late middeleeuwen.

Carnaval, soms ook wel Vastenaovend genoemd (de avond voor de vastentijd) is de ideale uitlaatklep vlak voor een periode van onthouding van eten en drinken. Er wordt lekker gegeten, het bier vloeit rijkelijk en in sommige steden schenkt het stadsbestuur zelfs bier aan de gilden en arbeiders. En het volk organiseert optochten en optredens om invloedrijke mensen een beetje belachelijk te maken. Tot Aswoensdag staat de samenleving op zijn kop.

"Het woord ‘carnaval’ zou wel ’s afgeleid kunnen zijn van het Latijnse ‘carne vale’ dat ‘vaarwel vlees’ betekent."

2

Wanneer gaat carnaval ‘ondergronds’?

In de zestiende eeuw ontstaat onrust. Tijdens de Reformatie is er strijd tussen protestanten en katholieken. De protestanten vinden de viering van Vastenavond te rooms, de katholieken vinden het te heidens. De strengere geloofsleer maakt een einde aan de losbandige viering van Vastenavond. In Amsterdam is het dan ook niet toegestaan om het op straat te vieren. Daar wordt het feest nog wel door een enkeling in huiselijke kring gevierd. Ook later was het boven de grote rivieren vaak niet de bedoeling om in het openbaar carnaval te vieren.

"Een masker was helemaal uit den boze"

Steden en dorpen in het zuiden van het land scherpen de regelgeving rond de viering van Vastenavond aan. Het feest wordt op veel plekken besloten en soberder. Er is geen plaats meer voor het bespotten van de wereldlijke en geestelijke macht. In 1565 verbiedt ‘s-Hertogenbosch het dan ook om de elite te bespotten en verkleed als geestelijken over straat te lopen. Vaste gebruiken als hanenrijden en gansknuppelen worden nog wel toegestaan. De kinderen gaan langs de deuren om te ‘schooien’, dat bedelen betekent. Met de rommelpot zingen ze liedjes in ruil voor snoepjes.

Aan het eind van de achttiende eeuw wordt de viering van Vastenavond en carnaval weer uitbundiger. De Franse overheersing brengt godsdienstvrijheid en -gelijkheid en de katholieke Vastenavondviering wordt weer vrijer. 

bakkerswagen

Van 1915 tot 1919 is er op veel plaatsen geen openbaar carnaval, vanwege de Eerste Wereldoorlog die dan rondom ons land woedt. Enkele steden houden achter gesloten deuren nog wel gekostumeerde bals. Na de Eerste Wereldoorlog komt het feest terug, maar in de jaren dertig wordt het vanwege de crisis sober gevierd. De bevolking zamelt geld in zodat de armen ook carnaval kunnen vieren. Een gebruik dat nog lang in stand wordt gehouden.

moderne auto in carnavalsoptocht
 © ANP

Ook in de Tweede Wereldoorlog is er geen ruimte voor het carnaval. Om de openbare orde te handhaven mag niemand zich vermommen. Alle steden in Limburg en Brabant schaffen het feest daarom ook af tijdens de oorlog.

3

Wanneer wordt carnaval weer een groot feest?

Na de Tweede Wereldoorlog is er weer reden tot feest. De belangstelling voor het carnaval groeit weer. Carnavalsverenigingen schieten als paddenstoelen uit de grond en namen van steden worden omgedoopt. Zo wordt Eindhoven in de jaren vijftig omgedoopt tot Lampegat, een naam die verwijst naar de Philipsfabriek.

Vier jij carnaval?
lampegat

Nederlanders hebben in de jaren zestig meer te besteden en carnavalsvieringen in steden als Oeteldonk ('s-Hertogenbosch) en Mestreech (Maastricht) worden drukbezocht. Voor de wagenbouwers is de carnavalsoptocht het hoogtepunt. Maandenlang werken zij samen aan de praalwagens. Vaak ook nog ’s avonds na een lange werkdag en op de zaterdagen. Jaloers kijken de Tilburgers naar de grote carnavalsviering in Oeteldonk. In het streng katholieke Tilburg is het al honderd jaar verboden om openbaar carnaval te vieren. De kerk heeft daar erg veel macht en die vinden het uitbundige gefeest maar niets. Carnavalsvierders moeten daar tot midden jaren zestig vermomd met lange jassen over straat naar de kroeg; opnieuw een soort schuilcarnaval.

Carnavalsvierders moeten tot midden jaren zestig vermomd met lange jassen over straat. Een soort schuilcarnaval.

Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Rebelse jongeren bevrijden zich in de jaren zestig van het gezag en dwingen met een illegale carnavalsoptocht ook in Tilburg het openbare carnaval af. Er komt een carnavalsstichting en een Prins Carnaval. Het openbaar vieren van carnaval in Tilburg is in 1965 een feit.

In het kort

  • Carnaval staat bekend als een katholiek volksfeest. Het is de ideale uitlaatklep vóór de vastentijd, de periode ter voorbereiding op het Paasfeest.

  • In de zestiende eeuw ontstaat door de Reformatie een tweedeling in het land: de protestanten en de katholieken. De strengere geloofsleer maakt een einde aan de losbandige viering van Vastenavond. 

  • Van 1915 tot 1919 wordt het openbaar carnaval vanwege de Eerste Wereldoorlog op veel plaatsen afgeschaft. Dat gebeurt ook tijdens de Tweede Wereldoorlog.

  • Na de Tweede Wereldoorlog groeit de belangstelling voor het carnaval weer. Door de welvaart krijgen mensen meer te besteden en wordt het volksfeest in het zuiden uitbundig gevierd.

En je weet het!

Anderen het laten weten?

Ook interessant

om te weten